Montenegro staat in de vakantielijsten van veel Nederlanders achter de bekende namen: Kroatië, Griekenland, Turkije. Terwijl net over die grens een land ligt met precies diezelfde ingrediënten, maar zonder de volle parkeerplaatsen, de houten vlonders vol strandbedden en de torenhoge terrasrekeningen. Voor 2026 staat Montenegro op vrijwel elke internationale reistrendslijst, van National Geographic tot Condé Nast. Het is er nog rustig, maar dat heeft een houdbaarheidsdatum.
De Baai van Kotor is precies zo mooi als de foto's beloven
De Baai van Kotor is een van de weinige fjordachtige kustinhammen aan de Adriatische kust. Het water is donkergroen, de bergen vallen er bijna loodrecht in, en middenin dat decor ligt Kotor, waarvan de middeleeuwse binnenstad op de UNESCO-werelderfgoedlijst staat. Je loopt er door smalle steegjes waaruit plotseling een Romaanse kerk opduikt, of een plein met een bronzen leeuw die al eeuwen op hetzelfde hoekje staat.
Minstens even de moeite waard is de klim naar het fort van San Giovanni, bovenop de rotswand die de stad omringt. Dat zijn ruim 1.350 treden, maar het uitzicht over de baai is een van de mooiste dat je in Europa tegenkomt. Ga vroeg, voordat de dagtoeristen van de cruiseschepen aankomen, die maken van Kotor rond de middag een wandelhindernisbaan. Als de Balkankust je aanspreekt, lees dan ook ons stuk over de Albanese Rivièra, die dezelfde doe-het-zelf-sfeer heeft maar nóg minder bezocht is.
Sveti Stefan: het eilandje dat je al kent zonder er ooit te zijn geweest
Zestig kilometer ten zuiden van Kotor ligt Sveti Stefan, een voormalig vissersdorp op een klein eiland dat via een smalle dam met de kust is verbonden. Het is het meest gefotografeerde plekje van Montenegro, en dat is terecht. Oranje pannendaken, middeleeuwse torens, turkooisblauw water aan beide kanten. Het eiland zelf is tegenwoordig een exclusief luxeresort, maar het vrij toegankelijke uitzichtpunt op het aangrenzende strand levert moeiteloos de mooiste reisfoto op die je dit jaar maakt.
Het strandgedeelte bij het resort is betaald en vrij prijzig voor Montenegrijnse begrippen, maar een paar honderd meter verderop liggen kleinere stranden waar je gewoon gratis neerstrijkt. Dat is meteen een van de basisregels voor Montenegro: een stap van de populaire plekken vandaan, en alles is een stuk betaalbaarder.
Durmitor: bergen en meer op drie uur van het strand
Wat Montenegro onderscheidt van veel andere zuidelijke strandbestemmingen, is dat je binnen drie uur rijden in een compleet ander landschap zit. Durmitor is een nationaal park op de rand van de Dinarische Alpen, met bergtoppen boven de 2.500 meter en diepe kanjons. Het bekendste punt is het Zwarte Meer, het Crno Jezero, dat 's ochtends vroeg spiegelt als glas en omgeven wordt door zwaar dennen- en beukenbos.
Het park is ook populair bij wandelaars, en de routes variëren van een rustige meerrondwandeling van twee uur tot meerdaagse tochten langs bergkammen. Wie houdt van een combinatievakantie, een paar dagen kust en dan de bergen in, vindt hier precies wat die zoekt. Qua avontuurlijk karakter vergelijkbaar met de Lofoten in Noorwegen, maar met strand op rijafstand.
De stranden: van druk tot verlaten
De meest bezochte stranden liggen rondom Budva, de badplaats die het dichtst in de buurt komt van Kroatisch Dubrovnik, ook qua drukte in de zomer. Maar verder langs de kust verandert dat snel. Ada Bojana, aan de grens met Albanië, is een rivierdelta-eiland met wilde stranden aan twee kanten, nauwelijks bebouwing en een sfeer die kampeerders en kitesurf-enthousiastelingen aantrekt. Ulcinj, de zuidelijkste kuststad, heeft het langste zandstrand van de Adriatische kust, meer dan twaalf kilometer, en een historische ommuurde vesting die over zee uitkijkt.
Die variatie is wat Montenegro sterk maakt: je haalt er dezelfde vakantie als in Kroatië of Griekenland, maar je kunt ook ver van de gebaande paden blijven als je dat wilt. Vergelijk je het specifiek op strand: lees ook ons stuk over Sithonia als strandbestemming, voor wie een rustiger Grieks alternatief overweegt.
Dit is waarom Montenegro nu de slimste keuze is
Montenegro gebruikt de euro, wat voor Nederlanders prettig rekent. Er is geen visum nodig met een Nederlands paspoort. Vluchttijden vanuit Amsterdam naar Tivat of Podgorica liggen rond de twee uur, en prijzen voor hotels, maaltijden en activiteiten liggen structureel lager dan in Kroatië of Italië. Een restaurant-etentje voor twee kost je buiten de toeristische centra al gauw minder dan dertig euro, inclusief wijn.
Maar de voornaamste reden om dit seizoen te gaan, is dat het er nog rustig is. Montenegro trekt jaarlijks ruim twee miljoen bezoekers, tegenover meer dan twintig miljoen in Kroatië. Dat verschil merk je in de rijen bij bezienswaardigheden, de rust op de stranden en de bereidheid van locals om gewoon een praatje te maken. Internationale reismedia zetten het land al volop op hun lijsten voor 2026, en eenmaal ontdekt groeit die populariteit snel. Wie dit seizoen gaat, is er vroeg bij.